“Dit kindje is echt lastig” . Als ik dat hoor dan voel ik meteen een antwoord én vraag in mezelf opkomen. Vooral heb ik moeite met deze verwoording van “Lastig kind”.

Niet lastig

In mijn beleving is een kind niet lastig, ik geloof wel dat kinderen lastig gedrag kunnen vertonen. Natuurlijk begrijp ik wat er wordt bedoeld wanneer dit wordt gezegd. De vraag die ik bij deze opmerking – vraag stel is toch wel: “Wat maakt voor jou dit gedrag lastig?”

Hoe ervaar jij het gedrag en de situatie?

Want in mijn beleving zit het ervaren van gedrag als lastig, in hoe jij dat gedrag ervaart. En wat jij kan doen om met dit gedrag om te gaan, het gedrag om te buigen. Natuurlijk ga ik hier uit van “normale ontwikkeling en gezondheid van een kindje”. Als jij bij mij aangeeft dat jij gedrag als lastig ervaart dan zal ik samen met jou gaan kijken naar de situatie met het kindje. Vanuit een positieve benadering.

De peuterpuberteit

De peuterpuberteit, daar wil ik je vandaag in deze blog tips over mee geven. Jou nieuwe ideeën meegeven. Inspiratie met jou delen vanuit mijn eigen ervaringen als moeder van drie kinderen & mijn ervaringen met duizenden kinderen, pedagogisch medewerkers en ouders. Even voorop gesteld, ik hou echt van peuters. Hoe dwarser ze zijn hoe leuker ik het vind. Dat heb ik denk ook te vaak gezegd, want ik kreeg zelf kinderen die mega inventief en creatief waren en op de meest onmogelijke manieren alles gingen ontdekken. Oké thuis is het dan echt niet altijd leuk als je kinderen dwars en koppig de wereld ontdekken. Het is de kunst om op de juiste manier om te gaan met de grillen van de peuterpuberteit. De zoektocht naar wat werkt. Wanneer aan mij hierover advies wordt gevraagd, zal ik eerst vragen gaan stellen zodat ik de hele situatie helder kan hebben. Het liefste kom ik gewoon mee kijken zodat ik zelf kan zien wat er gebeurt tussen de peuter en de volwassene en/of de andere kinderen.

Ik probeer in deze blogpost algemene tips mee te geven voor de kinderopvang en voor de ouders thuis.

De peuterpuberteit kenmerkt zich vooral door het boze, dwarse, eigenwijze manier van om gaan met alles op de leeftijd van twee – drie jaar. De peuters zijn in deze fase aan het zoeken naar de juiste manier van omgaan met emoties. Ze moeten alles nog leren. Maar ja wat doe je nou wanneer je een mega woede uitbarsting, driftbui aan ziet komen?

13 Tips voor de peuterpuberteit

  • Benoem het gedrag wat je niet goedkeurt. Dus niet “Ik vind jou stout” Nee, zeg: “Jij mag niet slaan” Daardoor keur je het gedrag af en niet het kind in zijn persoon. Daardoor maak je ook duidelijk wat je afkeurt in het gedrag van het/je kindje
  • Soms werkt negeren van het negatieve gedrag. Uitdaging hier bij is ook dat je zelf het negeren kan volhouden. Voorwaarden voor mij in negeren van negatief gedrag zijn ook wel: dat het kind zichzelf niet kan pijn doen, andere kinderen geen pijn kan doen en geen spullen kapot kan maken.
  • Complimenten geven aan je kindje: Bij het/ je kindje gaan zitten, aanwezig zijn bij en voor het kind. Aandacht geven op een positieve manier. Hoe verleidelijk het ook is om juist deze momenten te nemen voor alles waar jij op andere momenten niet aan toe komt. Maar het positieve gedrag benoemen daardoor gaat het herkennen van positief gedrag zich ontwikkelen in het kindje
  • Ik ben zelf geen voorstander van kinderen op de gang zetten of apart zetten in een hoek. Zeker niet in de kinderopvang. Apart zetten aan tafel of op een bank zou ik alleen inzetten wanneer een kindje zichzelf kan verwonden, andere kinderen pijn kan doen, of de situatie te gevaarlijk wordt. Hierbij vind ik het ook echt belangrijk om het ongewenste gedrag met bijhorende emoties te benoemen. En nooit langer dan het aantal minuten in de leeftijd van een kindje (dus maximaal twee minuten bij een kindje van twee jaar). Ga op het niveau van het kindje in gesprek met het kindje. Het kindje leren om te gaan verwoorden wat het kindje zo boos heeft gemaakt. Kind vooruit helpen in het omgaan met eigen emoties.
  • Nogmaals ik ben niet altijd een voorstander van een kind apart zetten maar ik weet ook dat het soms wel een oplossing kan zijn. Maar dan is het wel een voorwaarde dat je ook met het kind goed in gesprek gaat
  • Waar ik veel meer een voorstander van ben is om in te zetten op het leren verwoorden van de emoties. De taalontwikkeling gaan stimuleren zodat ze hun gevoelens leren benoemen. Maar ook dat de kinderen leren omgaan met andere kinderen in de groep en leren begrijpen van eigen emoties. Dit kan gedaan worden door het inzetten van super leuke activiteiten. Boekjes voorlezen, pictogrammen van emoties gebruiken, foto’s maken van de kindjes en verschillende emoties uitbeelden. De foto’s of pictogrammen ophangen in de groep (kan zeker ook thuis ingezet worden) En op die manier de emoties gaan leren herkennen en kunnen gaan toepassen. Op deze manier zet je spelenderwijs in op het omgaan met emoties. Super leuk
  • Wat enorm belangrijk is dat jij als volwassene bewust bent van jouw eigen gevoel. Voel jij aan jezelf dat jij boos wordt, verdrietig en geïrriteerd raakt? Benoem dit, bespreek dit, waar kan vraag hier hulp in om de situatie van jou over te nemen. Is er niemand om het over te nemen benoem je eigen gevoelens van het moment dan hardop: “Ik voel mezelf nu heel boos, ik ga even op de stoel zitten. Als ik niet meer zo boos ben ga ik met jou praten”. En jaaaaah ik weet het, dit klinkt zo makkelijk maar in de praktijk kan het totaal niet toepasbaar voelen.
  • Daarom is het ook belangrijk dat je tips kiest die bij jou passen, waar jij jezelf goed bij voelt, die passen bij de situatie ook.
  • Ga nooit in discussie met een peuter. Hoewel die neiging zo groot is. Let maar eens op hoe vaak jij een peuter een vraag stelt: “Wil je dit, wil je dan dat? nee, ja maar je wilde toch dit? Nee? Oké wil je dat niet? Wat wil je dan wel?”. Je bent op deze manier vanuit alle goede bedoelingen een driftbui en discussie aan het uitlokken. Want je geeft je peuter hierdoor duizend keuzes waar hij nog totaal niet mee om kan gaan. Het is de kunst om een peuter duidelijkheid te geven door gesloten keuzes: “Wil jij de banaan of de appel?”. Hoe meer onduidelijkheid hoe eerder er driftbuien ontstaan.
  • Toegeven aan je peuter. Het advies is standaard geef niet toe want daardoor geef je jouw peuter macht. Als moeder en pedagogisch professional, heb ik zelf ook toegegeven. En ook vaak niet toegegeven. De goede balans moet er zijn. Soms is het oké om even toe te geven want dan hebben jullie allemaal rust. Soms is toegeven niet oké want dan wordt er ruimte gegeven aan het laten bepalen door de peuter. De allerbelangrijkste tip hierin is: luister goed naar je gevoel, wat kan en wil jij? Heb je even geen energie? Dan geef je eerder toe. Dat is begrijpelijk. Weet dat je altijd alles kan bijstellen, ben jezelf er dan wel van bewust dat je dat ook vol moet kunnen houden. Zoek echt hierin naar de juiste balans voor jezelf en je eigen kindje. Waar voelen jullie jezelf goed bij. Waar kan je kindje mee om gaan? Is je kindje juist op zoek naar meer zelfstandig kunnen en mogen doen? Maar voelt dat voor jou juist als toegeven aan je kindje zijn driftbui? Probeer dan te gaan ontdekken hoe jij je kindje vooruit kan helpen in zijn zelfstandigheid op die manier die voor jullie beide passend is.
  • Voor de kinderopvang vind ik het toegeven aan gedrag een ander verhaal, want daar ben je werkzaam met kinderen van andere mensen. De kinderen zitten in de groep én zijn er altijd meerdere oogjes die alles observeren wat er gebeurt in de groep. In de kinderopvang is het dan ook enorm belangrijk dat je over het “toegeven aan” in gesprek gaat met je collega’s. Wat is de visie hierin vanuit de organisatie en het pedagogische beleid? Spreek in de kinderopvang bij je collega’s uit hoe jij jezelf voelt. Help elkaar daar ook in. En zorg er voor dat je samen op één lijn zit met elkaar.
  • Want Peuters hebben echt duidelijkheid nodig. Ze moeten weten waar ze aan toe zijn, dat geeft rust. Maak gebruik van foto’s en een dagritme zodat de kinderen (thuis of in de kinderopvang) weten wanneer wat van ze wordt verwacht
  • En een van de allerbelangrijkste tips: Zorg ervoor dat je het speelgoed afwisselt en uitdagend aanbiedt aan de kinderen. Zodat ze meteen zien wanneer ze binnen komen lopen waarmee ze waar kunnen spelen. Zet die bouwhoek neer met daarin de planken en hamers en helmen. Geef ze speelgoed spijkers en zorg voor oude kabels waar ze mee kunnen ontdekken (uiteraard veiligheid voorop). Leg in die poppenhoek de poppen met kleding neer, luiers, billendoekjes, verschoonkussen en een fles met slabber en kinderstoel. Zet speelgoed zichtbaar en herkenbaar neer, wissel het speelgoed ook af. Kijk wat het/ je kindje bezig houdt én biedt daar het juiste speelgoed in aan.

Nog meer tips in de podcast aflevering

Geniet met die heerlijke peuters. Ja ik weet het, soms kan je echt denken: “Nee, niet nu, wanneer houdt dit op???” Maar echt, ze zijn zo leuk die peuters. Wil je nog iets meer tips over de peuterpuberteit? Beluister dan mijn podcast op je favoriete podcast kanaal.

Kinderopvang in de praktijk is de naam van mijn podcast. Aflevering #71 vertel ik alles over de peuterpuberteit

Veel Liefs Susanne Akkermans

Susanne Akkermans

Author Susanne Akkermans

More posts by Susanne Akkermans